De poster is geen garantiecertificaat!
Sinds 27 september 2026 heeft de term ‘wettelijke garantie’ verplicht een opvallende plek in de showroom. Professionele verkopers, dus ook autobedrijven, moeten consumenten met een geharmoniseerde (door de EU bepaalde) kennisgeving informeren over hun rechten.11 Dat betekent concreet: de poster op minimaal A4-formaat, goed zichtbaar ophangen en een verwijzing op de website als u een webwinkel hebt. De poster geeft naar mijn mening helaas extra verwarring in plaats van verduidelijking in de gesprekken tussen autobedrijven en consumenten.
De term ‘wettelijke garantie’ is een ongelukkige op spreektaal gebaseerde vertaling van de terminologie. Het klinkt alsof iedere consument van de wetgever een garantiecertificaat krijgt: twee jaar lang kosteloos herstel bij ieder defect. Zo werkt het consumentenkooprecht niet. De poster gaat over het wettelijke recht van de consument om zich op non-conformiteit te beroepen en de plichten daarbij van de verkoper. Volgens de wet moet de afgeleverde auto beantwoorden aan wat de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten.
Wat de consument mag verwachten hangt onder meer af van de mededelingen van de verkoper en de aard van de auto. Bij een tweedehands auto spelen leeftijd, kilometerstand, prijs en de informatie over de staat van de auto mee voor wat de consument redelijkerwijs mag verwachten. Hoe ouder de auto, hoe meer kilometers, hoe minder men doorgaans mag verwachten. Maar een fataal gebrek heel kort na aflevering is meestal iets wat de consument niet hoeft te verwachten.
Een defect na aflevering kan leiden tot non-conformiteit. Maar niet ieder defect leidt automatisch tot non-conformiteit. In de basis moet de auto veilig aan het verkeer kunnen deelnemen. Als er sprake is van non-conformiteit, geniet de consument het voordeel van de omgekeerde bewijslast van één jaar na aflevering. Het gebrek wordt dan vermoed al aanwezig te zijn geweest ten tijde van de aflevering. Herstel komt dan voor rekening van de verkoper, tenzij de verkoper het vermoeden voldoende kan weerleggen.
De wettelijke rechten van de consument verdwijnen niet omdat op de koopovereenkomst ‘geen garantie’ staat, omdat geen aanvullend garantiepakket is gekocht of omdat een aangeboden garantieperiode is verstreken. Een commerciële garantie, van het autobedrijf of de fabrikant, is iets anders: een aanvullende toezegging met eigen voorwaarden. Zij vervangt het beroep op non-conformiteit niet.
De verwijzing op de poster naar minimaal twee jaar bescherming kan verwarring oproepen. Die tekst is geen belofte dat iedere (gebruikte) auto twee jaar storingsvrij blijft. Evenmin is het een algemene einddatum waarna een consument nooit meer over non-conformiteit kan klagen. De vraag blijft steeds wat de koper van déze auto mocht verwachten en of het gebrek daarmee onverenigbaar is.
Hang de poster op, maar voorkom dat het woord ‘garantie’ verkeerde verwachtingen wekt. De beste bescherming tegen discussie blijft een transparante verkoop: onderzoek de auto, vertel wat u weet, weet wat u verkoopt, leg afspraken schriftelijk vast op de koopovereenkomst en behandel iedere klacht als een conformiteitsvraag.
Probeer met de consument tot een oplossing te komen. Die moet zich altijd eerst bij de verkoper melden! Als de consument het gebrek zonder overleg door een ander dan de verkoper laat herstellen, verspeelt hij zijn rechten.
Non-conformiteit speelt ook in de werkplaats. Zie daarover eerdere columns:
