Zorgen ANWB om betaalbaarheid van automobiliteit
ANWB vindt dat de overgang naar duurzame mobiliteit hand in hand moet gaan met aandacht voor betaalbaarheid. Zolang de meerderheid van de Nederlanders afhankelijk is van een brandstofauto, blijft het belangrijk om brandstof bereikbaar en betaalbaar te houden. Daarnaast moet de overstap naar elektrisch rijden gestimuleerd worden.
ANWB baseert zich daarbij op een eigen onderzoek in drie metingen sinds de start van de oorlog in het Midden-Oosten, ieder onder zo’n duizend Nederlanders van achttien jaar en ouder die beschikken over een brandstof- of hybride auto.
Brandstofauto
Nederland werkt aan de transitie richting elektrisch rijden, maar de meeste particulieren rijden nog in een brandstofauto. Slechts zo’n 8 procent rijdt volledig elektrisch. De prijs van brandstof heeft daardoor invloed op een grote groep mensen, vooral in landelijk gebied waar minder alternatieven voor vervoer zijn.
Zo blijkt uit de meest recente meting dat 23 procent van de automobilisten zegt dat de brandstofprijzen veel of behoorlijk veel invloed hebben op hun financiële situatie; nog eens 52 procent ervaart een lichte invloed. De gevolgen zijn concreet zichtbaar in hun uitgaven: onder automobilisten die invloed ervaren op hun financiële situatie, zegt 56 procent minder te sparen, 43 procent minder uit eten te gaan, 40 procent te besparen op vakanties en dagjes weg en 30 procent op boodschappen. Daarmee raken hogere brandstofkosten niet alleen het mobiliteitsbudget, maar ook de financiële buffer en andere dagelijkse uitgaven.
Inkomensafhankelijk
De financiële impact verschilt duidelijk per inkomensgroep. In de meest recente meting ervaart 39 procent van de automobilisten met een benedenmodaal huishoudinkomen veel of behoorlijk veel invloed van de brandstofprijzen. Onder modale inkomens is dit 26 procent en onder bovenmodale inkomens 13 procent. Ook geeft 28 procent van de huishoudens met een benedenmodaal inkomen en 21 procent van de huishoudens met een modaal inkomen aan financieel in de knel te komen door de brandstofkosten, tegenover 4 procent van de bovenmodale inkomens.
Structurele oplossing
Behoud van de huidige korting op accijns kan de kortetermijngevolgen van stijgende brandstofprijzen beperken. Zodra de accijnskorting verdwijnt zal er minimaal 21 cent per liter bovenop de huidige brandstofprijs komen. Daarnaast wordt per 1 januari 2028 het ETS2-systeem ingevoerd. Dit leidt naar verwachting tot een extra prijsstijging van circa 13 cent per liter brandstof.
Tegelijkertijd is er volgens ANWB ook een structurele oplossing nodig. Aan de ene kant zit die in het stimuleren van de overstap naar elektrisch rijden. Uit het onderzoek blijkt daarnaast dat ongeveer een kwart van de automobilisten nadenkt over een andere auto, terwijl de aanschafprijs van een elektrische auto voor veel mensen een belangrijke drempel blijft. Stimuleringsmaatregelen kunnen consumenten helpen om over die drempel te stappen.
Voor de grote groep die nu nog in een auto op fossiele brandstof rijdt zijn ook maatregelen nodig. Nederland is binnen Europa koploper als het gaat om brandstofaccijnzen. Een belangrijke reden hiervoor is dat de Nederlandse overheid de accijnzen jaarlijks indexeert, terwijl andere Europese landen dat niet of in mindere mate doen. Door deze indexering loopt Nederland steeds verder uit de pas met andere Europese landen. Wat ANWB betreft moet de indexering van accijnzen op brandstof stoppen.
Het bericht Zorgen ANWB om betaalbaarheid van automobiliteit verscheen eerst op Aftersales Magazine.
Bron
Titel: Aftersales Magazine
Link: https://aftersalesmagazine.nl/nieuws/algemeen/zorgen-anwb-om-betaalbaarheid-van-automobiliteit/


